Achtheden – Octaven

Sterrenbeeld Waterman, element Lucht

De abstracte grootsheid van de schepping is gebaseerd op verhouding, niet op maten. Verhoudingen zoals de gulden snede hebben geen begin of einde in tegenstelling tot centimeters of de Fibonacci reeks die altijd bij nul beginnen.
De naam octaaf komt niet van acht maar van Lemniscaat, het symbool voor oneindig dat lijkt op een acht maar dan liggend. Octaven zijn ons vooral bekend uit de muziek maar het kosmische fenomeen octaven is veel omvattender dan dat.

Een octaaf is is principe niets anders dan de afstand tussen plus en min,
x en 2x of o en 8 (Lemniscaat). Niet de afstand is in deze belangrijk maar de wijze van indelen in een beperkt aantal (3, 5, 7, 9, 12, 21 en 31) stapjes. Deze afstanden moeten namelijk aan twee kosmische wetten voldoen. Allereerst moet het mogelijk zijn harmonische samenstellingen te maken en bovendien moet men daarmee van stemming kunnen veranderen (transponeren). De schepping, het universum octaaf, bevindt zich in het spanningsveld tussen nul en oneindig, tussen 0 en 8, tussen onvoorwaardelijke volheid en onvoorwaardelijke leegte, waarbij oneindig de dubbele waarde heeft van nul. In de westerse muziek kennen we de natuurlijke toonladder van zeven tonen en de chromatische met twaalf intervallen. Bij zeven intervallen maakt de achtste het octaaf compleet en bij twaalf sprongen de dertiende.

De hoger gelegen do (de achtste of de dertiende) is altijd een verdubbeling van de onderliggende do. Daarnaast bestaan nog 5, 21 en 31 toonsystemen. Ook wordt het 21 toonsysteem voor vele moderne talen en kaartspellen zoals de Tarot gebruikt.
De schepping kent een drietal octaaf varianten namelijk binair (bewustzijn), hexadecimaal (energie) en het 12/20 (materie) octaaf. Allen zijn weer te verdelen in meerdere afstanden die ieder voor zich moeten beantwoorden aan bovengenoemde kosmische wetmatigheden. De meeste talen maken bijvoorbeeld gebruik van een éénentwintig toonsysteem (medeklinkers) dat samen met een variabel aantal klinkers verhalen mogelijk maakt.

Vertellen doen wij sedert de Griekse oudheid en we beseffen ons niet dat we letterlijk aan het vertellen (tellen) zijn in plaats van verhalen. De 21 medeklinkers in onze taal worden aangevuld met tenminste vijf klinkers waarmee de taal belevendigd wordt. Bij zeven intervallen komen meestal nog twee onzichtbare zoals we kennen van de regenboog met zeven zichtbare kleuren plus onzichtbaar infrarood en ultraviolet. Vormt infrarood de grondtoon dan spreken we van mineur en is ultraviolet de verdubbeling dan betreft het majeur. Doordat wij alles hooguit tweedimensionaal betrachten ontgaan ons veel verborgenheden. Zo heeft de mens naast de zeven interne chakra’s ook twee externe brandpunten. Het menselijk octaaf bestaat uit zeven interne intervallen en twee externe die net als de regenboog tenminste twee toonsoorten (mineur of Ahrimanisch en majeur of Luciferisch) opleveren.

De uiteindelijke bedoeling is dat wij deze twee toonsoorten in ons niet veroordelen maar verenigen! Van een Merkabah kan jij alleen zeven hoekpunten, zeven brandpunten zien terwijl er twee verstopt zijn. Één aan de altijd onzichtbare achterkant en één in de kern. Om het enneagram te begrijpen is het zinvol om ook hier de zaak driedimensionaal te zien. Het enneagram wordt terecht in verband gebracht met een octaaf maar onterecht met een octaaf van alléén zeven intervallen en niet met negen intervallen. Ennea staat voor negen en een enneagram is een kosmische handtekening die je driedimensionaal moet leren zien.

Alléén dan onthult het enneagram haar geheimen en wordt helder waar de grotere en waar de kleinere intervallen door veroorzaakt worden. Het populaire psychologisch misbruikte enneagram is tweedimensionaal en eigenlijk een enneagon, een taart in negen partjes. Onze chakra’s, de Merkabah en het enneagram zijn driedimensionale aan elkaar verwante systemen met een andere grafische vormgeving.

Neem eenvoudig een houten kubus (Hexaëder) en teken op alle zes vlakken twee diagonalen plus de bekende dobbelsteen punten. Zoals je weet, is de som van de getallen op de tegenover elkaar liggende vlakken is altijd zeven. De diagonalen vormen nu de lange lijnen of grote intervallen en de ribben verklaren de kleine intervallen of enneagram sprongen. Tracht dit alles dynamisch te zien en je zult je bewust worden van de eenvoud en schoonheid van kosmische octaaf wetmatigheden.

De Vedische achtvoudige eigenschappen van éénheid!

“Boeddha” Om verlichting te bereiken, moet men deze acht disciplines volgen:
1. Juist begrip
2. Juiste gedachte
3. Juiste spraak
4. Juiste daad
5. Juist levensonderhoud
6. Juiste inspanning
7. Juiste mindfulness
8. Juiste concentratie

“Gita” is een Sanskriet woord dat “lied”, “zingen”, “gezongen” of “in gezang geprezen” betekent. Bijvoorbeeld:
1. Bhagavad Gita, Heer Krishna geeft instructies aan de krijger, Arjuna, voor de strijd.
2. Guru Gita – Het lied van Heer Shiva en zijn gemalin, Parvati, over het belang van een goeroe voor spirituele groei.
3. Ashtavakra Gita – De wijze Ashtavakra legt aan koning Janaka de aard van de ziel en Zelf-realisatie uit.
4. Anu Gita – Een vervolg op de Bhagavad Gita na de oorlog dat het gesprek tussen Krishna en Arjuna voortzet.
5. Uttara Gita – Beschrijft jnana (kennis) en yoga en wordt beschouwd als een aanvulling op de Bhagavad Gita.
6. Rishabha Gita – Rishabha, legt aan zijn kinderen het doel van het menselijk leven en de weg naar bevrijding uit.
7. Jivanmukta Gita – De aard van de gerealiseerde ziel, of jivanmukta, wordt uitgelegd door de wijze, Dattatreya.
8. Devi Gita – Presenteert de goddelijke vrouw als de machtige schepper van het universum en beschrijft Bhakti yoga.

“Matrika” is een Sanskriet woord dat “moeder” of “goddelijke moeder” betekent.
1. Brahmani of Brahmi (vertegenwoordigt de shakti-kracht van Brahma).
2. Vaishnavi (shakti van Vishnu)
3. Maheshvari (shakti van Shiva)
4. Indrani (shakti van Indra)
5. Kaumari (shakti van de god van de oorlog, Kumara)
6. Varahi (shakti van de god van de dood, Varaha)
7. Chamunda of Yami
8. Narasimhi, Yogishwari of Maha-Lakshmi

“Nirbija Samadhi”, het hoogste niveau van samadhi, dat een bovenbewuste staat van verlichting is.
In nirbija samadhi bevat de geest geen gedachten: niets dan bewustzijn en zuiver gewaarzijn.
1. De vijf yama’s, of persoonlijke deugden
2. De vijf niyamas, of gedragscodes
3. Asana’s, of houdingen die westerlingen het meest associëren met yogabeoefening
4. Pranayama, of ademhalingsoefeningen
5. Pratyahara, of het overstijgen van de zintuigen
6. Dharana, of concentratie om mentale afleidingen te verwijderen
7. Dhyana, of diepe meditatie vrij van afleidingen
8. Samadhi, of verlichting en eenheid met de hogere bron

“Patanjali’s Sutras” omvatten het acht-ledige pad van yoga:
1. Yamas – ethische normen bestaande uit ahimsa (geweldloosheid), satya (waarachtigheid), asteya (niet stelen), brahmacharya (terughoudendheid), aparigraha (niet-schaamteloosheid)
2. Niyama’s – innerlijke/persoonlijke waarnemingen bestaande uit saucha (reinheid), samtosa (tevredenheid), tapas (spirituele verzaking) svadhyaya (studie van de geschriften en van zichzelf), isvara pranidhana (overgave aan God)
3. Asana’s – yogahoudingen
4. Pranayama – technieken om de ademhaling te controleren
5. Pratyahara – terugtrekking of transcendentie van de zintuigen
6. Dharana – concentratie
7. Dhyana – meditatie of contemplatie
8. Samadhi – staat van extase of verlichting

Volgens de Yoga Sutra’s van Patanjali zijn de acht stadia van Raja yoga:
1. Yamas – Vijf sociale waarnemingen: ahimsa (geweldloosheid), satya (waarachtigheid) asteya (niet stelen), brahmacharya (kuisheid) en aparigraha (niet bezitterig zijn).
2. Niyama’s – Vijf morele waarnemingen: saucha (zuiverheid), santosha (tevredenheid), tapas (zelfdiscipline), svadhyaya (zelfstudie), ishvarapranidhana (toewijding of overgave).
3. Asana – Yogahoudingen.
4. Pranayama – Ademhalingstechnieken als een middel om prana (vitale levenskrachtenergie) te beheersen.
5. Pratyahara – Terugtrekking van de zintuigen.
6. Dharana – Concentratie.
7. Dhyana – Meditatie.
8. Samadhi – Verlichting of gelukzaligheid.

“Yoga Darshana” Om de geest te helpen kalmeren, vereist yoga darshana zowel morele als praktische stappen die bekend staan als de Acht Ledematen van Yoga. Deze omvatten:
1. Yama – integriteit, ethiek.
2. Niyama – zelfdiscipline en spirituele observantie.
3. Asana – houding of pose.
4. Pranayama – oefeningen om de ademhaling te controleren.
5. Pratyahara – terugtrekking uit de externe wereld en onthechting van de zintuigen.
6. Dharana – concentratie.
7. Dhyana – meditatie, contemplatie.
8. Samadhi – de staat van één zijn met het Goddelijke; extase.